Rb. Amsterdam 31 juli 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:5730

Handhaving van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wko). Welke betekenis komt toe aan de term ‘bezoldigd’ bij de definitie van ‘beroepskracht’ in artikel 1.1 van de Wko? Verweerder vindt dat een medewerkster van het kinderdagverblijf van eiseres niet als beroepskracht kan worden aangemerkt omdat zij geen salaris ontving van eiseres, maar zij werkzaam was met behoud van haar uitkering. Verweerder heeft hierdoor de inzet van de medewerkster te eenzijdig vanuit arbeidsrechtelijk perspectief beschouwd en is verweerder voorbij gegaan aan de doelstelling van de wetgever. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat de wetgever met de term ‘bezoldigd’ een onderscheid heeft willen maken tussen personeel dat beschikt over beroepskwalificaties voor de kinderopvang enerzijds en vrijwilligers anderzijds. De reden voor dit onderscheid – het garanderen van de groepsstabiliteit – kan niet anders worden begrepen dan vanuit pedagogisch oogpunt. Niet is gebleken dat de wetgever met de term ‘bezoldigd’ een arbeidsrechtelijke of economische doelstelling (zoals het tegengaan van oneerlijke concurrentie) heeft nagestreefd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen