Rb. Amsterdam 11 augustus 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:5086

De Internationale Rechtshulpkamer van de rechtbank Amsterdam verklaart de uitlevering aan Albanië toelaatbaar van een man die in dat land in 2015 tot een levenslange gevangenisstraf is veroordeeld voor moord op een politiefunctionaris en wapenbezit. Een verzoek om zijn gestelde onschuld te onderzoeken is afgewezen. Het verweer dat sprake is geweest van een oneerlijk proces, in de zin dat sprake zou zijn geweest van een politiek proces of corruptie, is verworpen. Dat de veroordeelde voor het Albanese Hof niet of onvoldoende in de gelegenheid zou zijn geweest van zijn verdedigingsrechten gebruik te maken is niet gebleken. Betoogd is dat de levenslange gevangenisstraf in strijd is met artikel 3 van het EVRM en dat de man in Albanië slachtoffer dreigt te worden van bloedwraak. Bovendien zouden de detentieomstandigheden in Albanië in strijd zijn met artikel 3 EVRM. De raadsman wenst garanties van de Albanese autoriteiten die de opgeëiste persoon bescherming bieden. De bevoegdheid om hierover te oordelen ligt echter bij de Minister van Veiligheid en Justitie en niet bij de rechtbank. Tegen de uitspraak van de rechtbank is beroep in cassatie mogelijk.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken