Rb. Amsterdam 6 juni 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:3615
Het gaat hier om de weigering een omgevingsvergunning te verlenen voor de omzetting van een short stay bedrijf en kantoorruimte naar een hotel op de [adres]. De rechtbank concludeert dat verweerder die weigering onzorgvuldig heeft voorbereid en ondeugdelijk heeft gemotiveerd. Zo heeft verweerder weliswaar terecht de aanvraag getoetst aan de zogeheten Hotelstrategie, maar had verweerder ook de Horecanota van het stadsdeel zelf bij de beoordeling moeten betrekken. Verder is verweerder bij de besluitvorming uitgegaan van een te eenzijdige feitelijke situatie wat de omgeving van de panden aan de [adres] betreft. Daarnaast heeft verweerder bij de besluitvorming artikel 2:4 van de Awb, dat ziet op het verbod op vooringenomenheid, geschonden. Uit de interne mailwisseling tussen een aantal ambtenaren blijkt namelijk niet van een open blik van verweerder jegens de door [bedrijf] gemaakte bezwaren tegen de weigering. Verweerder wil blijkens die mailwisseling hoe dan ook geen hotel op de door [bedrijf] gewenste locatie en heeft enkel gezocht naar argumenten om dat te onderbouwen. Dit getuigt volgens de rechtbank niet van een faire behandeling van [bedrijf]
De uitspraak op rechtspraak.nl