Rb. Amsterdam 23 april 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:2378
Verzoekschrift tot wijziging van de statuten van een stichting ex artikel 2:294 BW. Ingevolge lid 1 van dat artikel kan de rechtbank slechts de statuten wijzigen, indien ongewijzigde handhaving van de statuten zou leiden tot gevolgen die bij de oprichting redelijkerwijze niet kunnen zijn gewild en de statuten de mogelijkheid van wijziging niet voorzien. Dat de rechter daarbij terughoudend moet zijn geldt temeer indien het zoals hier gaat om een stichting die haar doel dient met haar door erfrechtelijke verkrijging gevormde vermogen, omdat in dat geval de intenties van de weldoener een bijzondere bescherming verdienen. De rechtbank wijst het verzoek integraal af, omdat het in het licht van het genoemde strikte criterium in al haar onderdelen onvoldoende is onderbouwd.
De uitspraak op rechtspraak.nl