Rb. Amsterdam 10 januari 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:67
Werknemer is van 2007 tot 2011 in dienst geweest bij een Grand Cafe op basis van een oproepcontract. In het volgens de horeca-cao opgestelde contract staat vermeld dat hij een uurloon ontvangt inclusief vakantietoeslag en vakantiedagen. Hij zou wel op vakantie mogen, maar had het loon tijdens die vakantiedagen dan al ontvangen. Op de maandelijks gegeven loonstroken is een uitsplitsing gemaakt in het bruto uurloon, de vakantietoeslag en de vakantiedagen. Werknemer is minstens eenmaal twee weken aaneengesloten op vakantie geweest. Na het einde van het dienstverband claimt werknemer (nogmaals) uitbetaling van vakantietoeslag en vakantiedagen, omdat het op grond van de wet niet zou zijn toegestaan een zogenaamd all-in uurloon te betalen. De kantonrechter wijst de vordering af. Maandelijkse uitbetaling van vakantietoeslag is zonder meer toegestaan. Wat betreft de vakantiedagen wordt overwogen dat het hier niet een afkoop van vakantiedagen betrof, maar het vooruitbetalen van het tijdens de vakantie te genieten loon. Dat zou de werknemer kunnen belemmeren om op vakantie te gaan, wanneer het vooruitbetaalde loon voor andere zaken als vakantie wordt gebruikt. Nu het modelcontract in de cao staat, en daarmee aan de onderhandelingsvrijheid van vakbonden raakt, nu aan werknemer een contract was aangeboden waarbij de vakantieuitbetaling wel pas tijdens de vakantieopname zou plaatsvinden en nu de huidige wijze van uitbetaling niet belemmerd heeft dat werknemer daadwerkelijk op vakantie ging, acht de kantonrechter het contract geldig en kent de werknemer niet nogmaals een vergoeding toe voor niet-genoten vakantiedagen.
De uitspraak op rechtspraak.nl