Rb. Amsterdam 29 april 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:2419
In het bestreden besluit heeft verweerder eisers rijbewijs voor alle categorieën motorrijtuigen met uitzondering van de categorie AM ongeldig verklaard en hem verplicht aan een alcoholslotprogramma deel te nemen. De rechtbank stelt vast dat eiser uitsluitend beschikt over de rijbewijscategorie B. Volgens recente jurisprudentie van de Afdeling kan het opgelegde alcoholslotprogramma in dat geval niet als punitieve sanctie worden beschouwd. De rechtbank verwijst onder meer naar de uitspraak van de Afdeling van 23 oktober 2013 (ECLI:NL:RVS:2013:1643). De omstandigheid dat eiser, zoals hij heeft gesteld, niet over een eigen voertuig beschikt alsmede de omstandigheid dat eiser niet in staat is de kosten van het alcoholslotprogramma te voldoen, kunnen er niet toe leiden dat de maatregel onevenredig wordt geacht. Er is namelijk geen ruimte voor een belangenafweging bij deze dwingendrechtelijke bepalingen van de Wegenverkeerswet 1994. Gesteld noch gebleken is bovendien dat de kosten van het alcoholslotprogramma de werkelijke kosten met betrekking tot het opleggen en de uitvoering ervan te boven gaan. Dit wordt niet anders door het feit dat er voor het inbouwen en uitvoeren van het alcoholslotprogramma slechts één erkende leverancier/installateur beschikbaar is. In de regelgeving wordt het aan de markt zelf overgelaten om tot concurrentie te komen.
De uitspraak op rechtspraak.nl