Rb. Amsterdam 17 juli 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BX3188

Versnelde afbouw van ID-loonkostensubsidie. Onderwijsinstellingen. De rechtbank acht de geboden termijn van ruim vijf maanden niet redelijk omdat eiseressen aannemelijk hebben gemaakt dat zij de betrokken medewerkers i.v.m. de verplichte plaatsing van de functie in het risico dragend deel van de formatie (RDDF) niet eerder dan 1 augustus 2012 respectievelijk 1 augustus 2013 kunnen ontslaan. Gelet op het bepaalde in artikel 4:51, tweede lid, van de Awb dient verweerder de subsidie voor het resterende deel van de termijn zoals hiervoor geschetst te verlenen overeenkomstig de beleidsregels zoals die golden voor het besluit van 19 juli 2011 tot wijziging ervan. De omstandigheid dat eiseressen niet in aanmerking komen voor een overbrugging op grond van het door verweerder geformuleerde flankerend beleid dat is neergelegd in de Regeling, doet aan het voorgaande niet af. Artikel 4:51, tweede lid van de Awb, bepaalt in een situatie als hier aan de orde immers imperatief dat de subsidie voor het resterende deel van de redelijke termijn dient te worden verleend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen