Rb. Amsterdam 23 mei 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ5561
In de strafzaak tegen de heer Wilders is op 2 mei 2011 door de verdediging een niet-ontvankelijkheidsverweer gevoerd. Kort samengevat is het volgende aangevoerd. Het gerechtshof dat de vervolging van Wilders gelastte, heeft te uitgebreid getoetst. De beschikking is veroordelend van aard. Schalken, een van de raadsheren uit het gerechtshof dat die beschikking heeft gewezen, heeft geprobeerd een getuige-deskundige en de publieke opinie te beïnvloeden. Verder zijn kritische kanttekeningen geplaatst bij personen die bij de rechtspraak zijn betrokken. De rechtbank heeft geconcludeerd dat hetgeen de verdediging heeft aangevoerd niet kan leiden tot niet-ontvankelijkheid van het OM.
De uitspraak op rechtspraak.nl