Rb. Amsterdam 16 februari 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ5296

Bouwvergunning niet aan de orde, alleen de verleende monumentenvergunning. Het belang van een belendend monument en de belangen van omwonenden of andere belanghebbenden spelen daarbij geen rol. Ook de Welstandsnota, het bestemmingsplan en het Hotelbeleid zijn niet relevant. De rechtbank vernietigt de monumentenvergunning omdat niet is voldaan aan de minimumtermijn voor terinzagelegging. Bovendien is ten onrechte geen advies van Rijksdienst aan de vergunning ten grondslag gelegd en is onduidelijk aan welk beleid is getoetst. Het verzoek om handhaving is ten onrechte afgewezen wegens tijdsverloop. Ook de verwijzing naar de verleende monumentenvergunning houdt geen stand, omdat deze vergunning wordt vernietigd. Bovendien is ten onrechte niet onderzocht of sprake is van ernstige strijd met de redelijke eisen van welstand.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen