Rb. Amsterdam 3 november 2010, ECLI:NL:RBAMS:2010:BO2853
Artt. 5:54 en 5:56 Wft Medeplegen van handelen met voorwetenschap. Openbaar Ministerie ontvankelijk; niet gebleken van een schending van het zorgvuldigheids- danwel gelijkheidsbeginsel bij vervolging. Gelet op de familierelatie met de bezitter van voorkennis en de afwijking van zijn beleggingspatroon bestaat het vermoeden van handel met voorkennis. Doordat verdachte of zijn mededader voor het tijdstip van de transacties en de afwijking van het patroon geen aannemelijke en overtuigende beweegredenen heeft kunnen opgeven, heeft verdachte dit vermoeden niet kunnen weerleggen.
De uitspraak op rechtspraak.nl