Rb. Amsterdam 30 september 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BK0988
reikwijdte zorgplicht financiële onderneming bij execution-only dienstverlening. Art 4:24 Wft, 28 NR 99/28 NRg Hoewel vóór 1 januari 2007 geen expliciete wettelijke verplichting bestond de consument te waarschuwen indien de te verlenen execution-only dienst niet passend werd bevonden, zoals thans opgenomen in artikel 24 Wft, kan worden aangenomen dat uit de op Alex, als financiële dienstverlener, tegenover eiser, als consument, rustende bijzondere zorgplicht voortvloeide dat Alex ook vóór 1 januari 2007 gehouden was eiser te waarschuwen, indien zij van mening was dat de aan hem te verlenen financiële dienst niet bij hem paste. Anders dan eiser lijkt te suggereren, kan echter niet worden aanvaard dat een op Alex rustende plicht zou (hebben) bestaan hem in dat geval steeds als cliënt te weigeren. Niet alleen is voor het bestaan van een dergelijke plicht in de thans noch voorheen geldende wetgeving enig aanknopingspunt te vinden; een dergelijke plicht zou ook geen recht doen aan het beginsel van de contractsvrijheid. Bij execution-only dienstverlening als de onderhavige bestaat of bestond voor Alex geen wettelijke plicht om het verloop van de door de cliënt via de effectenrekening verrichte transacties in de gaten te houden en/of te toetsen aan het vastgelegde beleggersprofiel. Een dergelijke verplichting volgt, anders dan eiser betoogt, in dit geval ook niet uit de op Alex als financiële dienstverlener rustende bijzondere zorgplicht.
De uitspraak op rechtspraak.nl