Rb. Amsterdam 19 augustus 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BJ7584

Italiaans recht, Weens Koopverdrag; schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid onder Italiaans recht; schending van exclusiviteitsafspraken in de modebranche; wezenlijke tekortkoming Het toepasselijk recht is Italiaans recht en het Weens Koopverdrag. Aan de orde is de vraag of partijen, bij de totstandkoming van de overeenkomst, exclusiviteit zijn overeengekomen ten aanzien van de verkoop van gedaagde van kleding van eiseres in het centrum van Amsterdam. Exclusiviteit zou mondeling zijn overeengekomen. Dit wordt betwist evenals de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de persoon die dit zou zijn overeengekomen. Ter beoordeling staat onder meer of sprake was van schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid onder Italiaans recht. Partijen zullen gelegenheid krijgen zich hierover nader bij akte uit te laten. Aan gedaagde wordt verder bewijs opgedragen van de volgens haar overeengekomen exclusiviteit, alsmede van de schending van die exclusiviteitsafspraken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen