Rb. Amsterdam 16 december 2008, ECLI:NL:RBAMS:2008:BG7290

artikel 6 lid 5 Overleveringswet, rechtsmacht, rechterlijke toetsing. Het verweer slaagt niet omdat het miskent dat het buiten toepassing laten van een wettelijk voorschrift – in dit geval neergelegd in een wet in formele zin – slechts mogelijk is indien die toepassing in strijd is met een rechtens dwingende bepaling van hogere orde, zoals een eenieder verbindende verdragsbepaling of een algemeen of fundamenteel (Europees) rechtsbeginsel. Een dergelijke strijd is echter door de raadsman niet gesteld en uit het verweer kan ook niet eenduidig een dergelijke strijd worden afgeleid. Derhalve kan de enkele stelling van de raadsman, dat artikel 6, vijfde lid, van de OLW buiten toepassing moet blijven, in die zin dat in dit geval niet het vereiste van rechtsmacht wordt gesteld, omdat zo beter aan de persoonlijke belangen van de opgeëiste persoon tegemoet wordt gekomen, niet in de weg staan aan de toepassing van deze formeelwettelijke bepaling.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen