Rb. Amsterdam 6 oktober 2008, ECLI:NL:RBAMS:2008:BG2172
Splitsingsvergunning. De door verweerder gehanteerde uitvoeringspraktijk waarbij de vergunning in beginsel wordt geweigerd wanneer de gebreken niet binnen de aanhoudingstermijn van één jaar zijn hersteld, is niet verenigbaar met de toepasselijke bepalingen van de Huisvestingsverordening. Ook voor de door verweerder gehanteerde beperkte belangenafweging ontbreekt een wettelijke grondslag.
De uitspraak op rechtspraak.nl