Rb. Amsterdam 21 juni 2007, ECLI:NL:RBAMS:2007:BC0918

De rechtbank heeft in de zaak tegen de verdachte die ervan werd beschuldigd dat hij zich onder meer heeft schuldig gemaakt aan het organiseren van een piramidespel (artikel 1a van de Wet op de kansspelen), niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen