Rb. Amsterdam 7 mei 2003, ECLI:NL:RBAMS:2003:AG0219

Awb: Wob. Verzoek tot openbaarmaking bij meerdere bestuursorganen. Verwijzing naar inhoud van eerder genomen besluit van ander bestuursorgaan zonder zelf inhoudelijk te hebben beslist kan niet tot niet-ontvankelijkverklaring leiden. Niet-ontvankelijk verklaring van bezwaar, onder verwijzing naar afwijzende beslissing van het ministerie van SZW op een identiek verzoek als dat van 12 juni 2003. Verweerder motiveert dat het in de rede ligt dat één bestuursorgaan op verzoek beslist ter voorkoming van tegenstrijdige beslissingen. Afstemming is niet schadelijk voor belangen verzoekster. Eventueel belang van verzoekster dat wel verschillende beslissingen worden genomen is geen belang dat bescherming vindt in de Wob. Rb.: Besluit is allereerst onhoudbaar, nu juist de aard van zaken met betrekking tot de Wob maakt dat een verzoeker vaak niet weet waar bepaalde stukken zich bevinden. Het ligt dan ook in de rede dat een verzoeker bij verschillende bestuursorganen een verzoek doet tot openbaarmaking van identieke documenten. Rb. begrijpt dat verweerder verzoek heeft afgewezen o.g.v. bepaalde in art. 4:6 Awb. Hij verwijst immers naar de inhoud van een reeds eerder genomen besluit. Nu dit besluit echter is genomen door een ander bestuursorgaan en verweerder zelf nog geen inhoudelijke beslissing heeft genomen op het verzoek van 12 juni 2002, is art. 4:6 Awb in onderhavige geval niet aan de orde. Rb. kan verweerder niet volgen in stelling dat verzoeker onvoldoende belang zou hebben bij bezwaar. Bij beoordeling van verzoek om informatie in de zin van de Wob speelt belang van verzoeker bij verkrijgen van de betreffende informatie immers geen rol. Het publieke belang bij openbaarmaking van informatie staat voorop en het is derhalve niet nodig dat een verzoeker aantoont enig belang te hebben bij de gevraagde informatie. Ten onrechte n-o verklaard in bezwaar. Beroep gegrond. Materieel: Wob onverkort van toepassing op alle TNO-activiteiten. "Bestuurlijk" heeft betrekking op openbaar bestuur in al zijn facetten. Verweerder valt onder Wob en moet dus zelf - en niet de opdrachtgever- beslissen op een Wob-verzoek. Gedeeltelijke afwijzing Wob-verzoek ter zake van documenten betreffende onderzoek naar vuurwerk. Standpunt dat Raad van Bestuur TNO geen Wob-bestuursorgaan is voor zover onderzoek wordt verricht op verzoek van derden tegen commerciële tarieven, wordt niet gevolgd. TNO is een krachtens publiekrecht ingestelde rechtspersoon en als zodanig volledig bekleed met openbaar gezag. Bovendien is de aanwijzing van TNO in het Besluit bestuursorganen WNo en Wob als bestuursorganen in de zin van de Wob ongeclausuleerd. De Wob is derhalve onverkort van toepassing op alle activiteiten van TNO. Sprake is van bestuurlijke aangelegenheden. De term ”bestuurlijk” in de Wob moet ruim worden opgevat en heeft betrekking op het openbaar bestuur in al zijn facetten. Geen sprake van louter commerciële activiteiten. Motivering weigeringsgrond art. 10.2.g Wob kan geen stand houden. Verweerder dient de gevraagde documenten afzonderlijk te beoordelen en kan zich niet ten aanzien van alle documenten tezamen op het standpunt stellen dat zich een weigeringsgrond voordoet. Ten aanzien van het specifieke beleidsterrein “vuurwerk” is niet gebleken met welke andere onderzoeksinstelling TNO zou moeten concurreren, aangezien er op dit terrein geen concurrerend onderzoeksinstituut is. Dat de opdrachtgever dient te beslissen over openbaarmaking van de rapporten vindt geen steun in de wet. Nu verweerder onder de Wob valt en de documenten bij hem berusten, is hij zelf gehouden ter zake een besluit te nemen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen