Rb. Almelo 13 juni 2001, ECLI:NL:RBALM:2001:AB2694

Nu niet reeds eerder aan eiseres (A B.V.), maar aan voormalig werkgever X loonkostensubsidie (lks) is verstrekt, is aan eiseres ten onrechte een plaatsingsbudget a.b.i. art. 17 Wet REA geweigerd. Werknemer P werkte bij werkgever X, doch werd wegens ziekte tot 1 januari 2000 gedetacheerd bij eiseres, nu bij X geen mogelijkheid was tot herplaatsing. Aan X is lks toegekend. Vanaf 1 januari 2000 is P een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met eiseres aangegaan. Eiseres heeft een plaatsingsbudget t.b.v. werknemer P aangevraagd, hetwelk is geweigerd. Verweerder heeft daarbij overwogen dat t.b.v. P reeds een lks is verstrekt. Rechtbank: De hoofdregel omtrent verstrekking van een plaatsingsbudget wordt verwoord in art. 17.1 Wet REA: op aanvraag wordt een plaatsingsbudget verstrekt aan de werkgever die met een arbeidsgehandicapte een dienstbetrekking aangaat voor de duur van tenminste zes maanden. De uitzondering op deze hoofdregel wordt vermeld art. 17.4: een plaatsingsbudget kan geheel of gedeeltelijk worden geweigerd, indien het plaatsingsbudget wordt aangevraagd voor een arbeidsgehandicapte voor wie reeds eerder aan de werkgever subsidie op basis van nader genoemde artikelen is verstrekt. Ingevolge art. 1.r Wet REA is de werkgever de persoon tot wie een werknemer in dienstbetrekking staat. Vóór 1 januari 2000 was P weliswaar werkzaam bij eiseres, maar er was geen sprake van een dienstbetrekking tussen P en eiseres. P was tot die tijd in dienst bij X, waar hij ook op de loonlijst stond. Vanuit zijn arbeidsovereenkomst met X was P gedetacheerd bij eiseres. Door eerst per 1 januari 2000 een arbeidsovereenkomst met P aan te gaan, is eiseres met ingang van die datum de werkgever van P geworden. Door het aangaan van dit dienstverband voor onbepaalde tijd dient op grond van art. 17.1 Wet REA aan eiseres, na aanvraag, een plaatsingsbudget te worden verstrekt. Van een weigering hiervan o.g.v. art. 17.4 Wet REA kan slechts sprake zijn als reeds eerder aan de werkgever subsidie is verstrekt. Nu vaststaat dat eiseres met ingang van 1 januari 2000 voor het eerst de werkgever van P is geworden, is aan deze voorwaarde niet voldaan. Verweerder heeft derhalve ten onrechte een plaatsingsbudget aan eiseres geweigerd. Beroep gegrond. Lisv, verweerder. mrs. Rottier, Keuzenkamp en Kuipers

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen