Rb. Almelo 22 maart 2000, ECLI:NL:RBALM:2000:AA5662

Ook als inschrijving in handelsregister en toekenning van zelfstandigen-aftrek ontbreken, kan een persoon werkzaam zijn als zelfstandige in de zin van de IOAZ. Afwijzing IOAZ-uitkering aangezien eiser geen arbeidsactiviteiten heeft verricht van minimaal 1225 uur (2.5 IOAZ jo. 44m.1 of 44m.4 Wet IB). Bovendien is de periode van inactiviteit, naar verweerders oordeel, te lang geweest om deze als korte onderbreking buiten beschouwing te laten. Eiser voldoet derhalve niet aan zevenjaarseis. Rb.: Ook als de inschrijving en de toekenning van de zelfstandigen-aftrek ontbreken, kan een persoon werkzaam zijn als zelfstandige. Uit andere feiten kan immers eveneens blijken dat blh. voor de voorziening in zijn bestaan is aangewezen op arbeid in het eigen beroep of bedrijf en een bepaald aantal uren deze deze arbeid heeft verricht. Anders dan verweerder is de Rb. van oordeel dat eiser er in is geslaagd dergelijke feiten voldoende aannemelijk te maken. Voor zover is betoogd dat eiser niet heeft voldaan aan het urenvereiste is de Rb. van oordeel dat genoegzaam vaststaat dat eiser en diens echtgenote ten minste drie maanden lang regelmatig op het bedrijf zelf of in hun eigen woning hulp hebben geboden. Daarom moet worden aangenomen dat eiser hetzij geheel voldoet aan het urencriterium, hetzij in zulke geringe mate onder het vereiste aantal uren blijft dat dit nog als eenmalige vermindering kan worden geaccepteerd. De kennelijke onduidelijkheid op dit punt dient niet voor rekening van eiser te komen. Hij heeft naar vermogen getracht het aantal gewerkte uren aan te tonen. De bewijslast voor de zevenjaarseis is bovendien lichter dan de bewijslast voor de driejaarseis. Verweerder heeft derhalve ten onrechte gesteld dat eiser niet voldoet aan art. 5.2.1 IOAZ. Beroep gegrond. Verweerder dient nieuw besluit te nemen. Het college van burgemeester en wethouders van Enschede, verweerder. mr. J.G.J. Roelvink

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen