Rb. Alkmaar 28 mei 2008, ECLI:NL:RBALK:2008:BD3885

Een verzoek van de gemeente om in het kader van de Wet op de Lijkbezorging een verhaalsbijdrage vast te stellen. De gemeente spreekt 2 kinderen aan om een deel van de kosten van de begrafenis van hun moeder te betalen. Overeenkomstig artikel 22 van de Wet op de Lijkbezorging is de gemeente gerechtigd de kosten van de begrafenis te verhalen op de nalatenschap en, bij ongenoegzaamheid van deze, op de bloed- en aanverwanten, die krachtens de artikelen 296-392 van Boek 1 BW tot onderhoud van de overledene verplicht zouden zijn geweest. Een en ander brengt mee dat de gemeente de begrafeniskosten kan verhalen op de drie nog in leven zijnde kinderen van de overledene en dat zij, overeenkomstig de hoofdregel van artikel 6:6 lid 1 BW, ieder voor een gelijk deel van de hoofdsom verbonden zijn. Niet aannemelijk is geworden dat zij voor ongelijke delen dan wel hoofdelijk verbonden zouden zijn. De rechtbank is van oordeel dat de twee kinderen met wie de gemeente geen betalingsregeling heeft getroffen, niet hoofdelijk aansprakelijk kunnen worden gesteld voor het (volledige) nog niet betaalde bedrag.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen