Rb. Alkmaar 6 juli 2005, ECLI:NL:RBALK:2005:AT8810

De rechtbank heeft uitspraak gedaan in een procedure die buurtbewoners aanhangig hebben gemaakt tegen de naastgelegen moskee en de gemeente waarin de moskee is gevestigd. Volgens de buurtbewoners ondervinden zij overlast van de (bezoekers van de) moskee en zijn zowel de moskee als de gemeente jegens hen aansprakelijk voor de hierdoor geleden schade, bestaande in ieder geval uit derving van het woongenot en waardevermindering van de woning. De rechtbank heeft de vordering van de buurtbewoners jegens de moskee afgewezen, nu zij hun stelling, inhoudende dat sprake is van onrechtmatige hinder, onvoldoende hebben onderbouwd. Ten aanzien van de gemeente heeft de rechtbank overwogen dat weliswaar vaststaat dat de gemeente een drietal onrechtmatige besluiten heeft genomen, doch dat de buurtbewoners hebben nagelaten voldoende feiten en/of omstandigheden te stellen waaruit blijkt dat door deze besluiten daadwerkelijk schade is geleden en dat deze schade in causaal verband staat met de desbetreffende besluiten. De rechtbank heeft ook de subsidiaire grondslag, inhoudende dat de gemeente uit hoofde van een rechtmatige overheidsdaad jegens de buurtbewoners schadeplichtig is, gepasseerd. De rechtbank heeft hiertoe overwogen dat een vordering tot het verkrijgen van nadeelcompensatie ter zake van een rechtmatig besluit bij de bestuursrechter aanhangig dient te worden gemaakt, terwijl voorts is gebleken dat de raad van de gemeente reeds een verzoek om toekenning van zogenaamde planschadevergoeding heeft afgewezen, welk besluit formele rechtskracht heeft gekregen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen