Rb. Alkmaar 22 juli 2004, ECLI:NL:RBALK:2004:AQ5344
Naar het oordeel van de rechtbank is in het onderhavige geval, gelet op het aanzienlijke verschil wat betreft urenomvang, geen sprake van een cyclisch arbeidspatroon. Weliswaar kan aan verweerder worden toegegeven dat voor het aannemen van een cyclisch arbeidspatroon de te vergelijken dienstverbanden niet exact gelijk hoeven te zijn, maar in onderhavige zaak kan niet staande worden gehouden dat de twee gewerkte perioden bij de werkgever eenduidig zijn en niet wezenlijk van elkaar verschillen. Het beroep is gegrond en het bestreden besluit komt voor vernietiging in aanmerking.
De uitspraak op rechtspraak.nl