Conclusie A-G Wissink 19 september 2023, ECLI:NL:PHR:2023:817

Prejudiciële vragen op de voet van art. 392 Rv. Leidt de jurisprudentie van het HvJ in de arresten van 17 mei 2022 (ECLL:EU:C:2022:394 t/m 397) ertoe dat in verzetzaken tussen een handelaar en consument de wettelijke termijn van verzet buiten toepassing moet worden gelaten indien uit het verstekvonnis niet blijkt van (ambtshalve) toetsing op oneerlijkheid als bedoeld in de Richtlijn oneerlijke bedingen van (alle) bedingen die aan de vordering ten grondslag zijn c.q. kunnen worden gelegd?

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken