Conclusie A-G Pauwels 22 december 2023, ECLI:NL:PHR:2023:1192
Bijlage: ECLI:NL:PHR:2023:1221 Wet rechtsherstel box 3. Nominaal of reëel rendement. Massaalbezwaarprocedure. Rentevergoeding bij teruggaaf van in strijd met het EVRM geheven belasting? De aan belanghebbende opgelegde aanslag IB/PVV 2019 is verminderd naar aanleiding van het Kerstarrest. Het Hof heeft belanghebbendes klachten verworpen over (i) de massaalbezwaarprocedure en (ii) het heffen over nominaal rendement in plaats van reëel rendement. Verder heeft het Hof geen rentevergoeding toegekend. Redengevend is dat de belastingheffing lager is dan die op basis van het werkelijke rendement en daarmee al rechtsherstel is geboden “voor een eventuele strijdigheid van het systeem van berekenen van belastingrente met het EVRM”. A-G Pauwels meent dat principale cassatieberoep van belanghebbende ongegrond is, omdat het tevergeefs opkomt tegen de oordelen van het Hof over de klachten (i) en (ii). Bij de conclusie van de A-G hoort een bijlage in verband met de rentekwestie. De A-G constateert echter dat de zaak op dit punt uitgaat als een nachtkaars. Omdat het principale cassatieberoep ongegrond is, vervalt het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep van de Staatssecretaris dat op die kwestie betrekking heeft. Maar ook als dat anders is, wordt niet aan een inhoudelijke beoordeling van de rentekwestie toegekomen. Belanghebbende komt immers niet op tegen het oordeel van het Hof over de rente en dan valt niet in te zien wat het (proces)belang bij het incidentele cassatieberoep is. Overigens acht de A-G dat oordeel niet onjuist.
De uitspraak op rechtspraak.nl