Conclusie A-G Harteveld 20 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:833

Profijtontneming. Geen middelen van cassatie ingediend. Beroep n-o. Samenhang met 15/01395.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Tekst

Nr. 15/01393 P
Zitting: 20 juni 2017
Mr. A.E. Harteveld
Conclusie inzake:
[betrokkene]

1 Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft bij uitspraak van 12 maart 2015 de betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling van een bedrag van € 323.699,92 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

2 Er bestaat samenhang met de zaak 15/01395. In deze zaak zal ik vandaag ook concluderen.

3 Namens de betrokkene is op 17 maart 2015 beroep in cassatie ingesteld. De aanzegging als bedoeld in art. 435 lid 1 Sv is op 10 mei 2016 aan de betrokkene in persoon betekend. Namens hem zijn echter geen middelen van cassatie voorgesteld.

4 Nu de betrokkene niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437 lid 2 Sv in verbinding met art. 511h Sv, zodat de betrokkene niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het ingestelde cassatieberoep.

5 Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de betrokkene in het beroep in cassatie.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Aangehaalde artikelen

Verbonden uitspraken