Conclusie A-G Hofstee 23 mei 2017, ECLI:NL:PHR:2017:586
Grafschennis, art. 149 Sr. Begrip “graf”. Opzet. Levert het afknippen van (onder meer) kunstbloemen grafschennis op? Het oordeel van het hof dat onder graf mede moet worden verstaan de bij een graf behorende, al dan niet onlosmakelijke daarop of daaraan, ter nagedachtenis aan de overledene, aangebrachte eerbetonen en versieringen getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting. Mede gelet op de wet en de wetgeschiedenis moet worden aangenomen dat de bepaling in het bijzonder strekt tot bescherming van de jegens een graf verschuldigde eerbied. Het oordeel van het hof dat verdachte door zijn gedragingen op zijn minst bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat hij daardoor de nagedachtenis van de overledene of van het piëteitsgevoel zijner betrekkingen zou krenken en daardoor (ten minste in voorwaardelijke zin) opzettelijk het graf heeft geschonden is onjuist noch onbegrijpelijk.
De uitspraak op rechtspraak.nl