Conclusie A-G De Vries Lentsch-Kostense 14 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:77
Verzekeringsrecht. Beëindiging arbeidsongeschiktheidsverzekering. Persoonlijk onderzoek door verzekeraar naar verzekerde. Gedragscode Persoonlijk Onderzoek van het Verbond van Verzekeraars, geen recht in de zin van art. 79 RO. Afweging tussen ernst van inbreuk op het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van verzekerde en belangen van verzekeraar die met de inbreuk worden gediend (Vgl. HR 31 mei 2002, ECLI:NL:HR:AD9609, NJ 2003/589). Beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit. Handelen in strijd met Gedragscode levert onrechtmatige inbreuk op. Onrechtmatig verkregen bewijs, vrije bewijsleer, art. 152 Rv. Bewijsuitsluiting indien door bijkomende omstandigheden gerechtvaardigd (HR 7 februari 1992, ECLI:NL:HR:1992:ZC0500, NJ 1993/78, en HR 12 februari 1993, ECLI:NJ:HR:1993:ZC0860, NJ 1993/599). Verweer in conventie strekkend tot (ver)nietig(baar)heid van buitengerechtelijke ontbinding.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 21 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 25 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 152 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 157 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 230 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 402 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 10 Gw
- Artikel 3:51 BW3
- Artikel 8 EVRM
- Artikel 12 UVRM
Aangehaalde uitspraken
- HR 9 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM2337
- HR 24 april 2009, ECLI:NL:HR:2009:BG9906
- Rb. 's-Hertogenbosch 23 juni 2008, ECLI:NL:RBSHE:2008:BD5215
- HR 31 mei 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD9609
- HR 12 februari 1993, ECLI:NL:HR:1993:AJ8237
- HR 7 februari 1992, ECLI:NL:HR:1992:ZC0500
- HR 16 oktober 1987, ECLI:NL:HR:1987:AC9997
- HR 9 januari 1987, ECLI:NL:HR:1987:AG5500