Conclusie A-G Spronken 13 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:637

Stempelvonnis, art. 395a Sv. Verdachte is door de kantonrechter bij verstek veroordeeld. Dit vonnis is slechts aangetekend op de wijze a.b.i. art. 395a.1 Sv (het zgn. stempelvonnis). Verdachte heeft h.b. ingesteld tegen dit vonnis. Het Hof heeft het vonnis waarvan beroep bevestigd. Bij de beoordeling van een cassatieberoep tegen een arrest van een Hof is uitsluitend aan de orde de vraag of dat arrest voldoet aan de wettelijke vereisten van o.m. artt. 350, 358 en 359 Sv. Voor het voldoen aan die vereisten kan het Hof gebruik maken van de mogelijkheid om het vonnis van de rechter in e.a. te bevestigen, zo nodig met aanvulling of verbetering van gronden ex art. 423.1 Sv. Nu het Hof het stempelvonnis van de Kantonrechter - dat niet voldoet aan de motiveringseisen van de artt. 350, 358 en 359 Sv - zonder enige aanvulling heeft bevestigd, voldoet ook het arrest van het Hof niet aan die motiveringseisen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken