Conclusie A-G Machielse 17 april 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU3988
Economische zaak. 1. Verdrag van Bazel en EEG Verordening overbrenging van afvalstoffen (EVOA). 2. Kaderrichtlijn afvalstoffen. Ad 1. De omstandigheid dat anodeslib van elektrolytische zuiveringssystemen bij elektrolytische koperraffinage en -winning is uitgezonderd van het in rubriek A1120 van bijlage VIII van het Verdrag van Bazel bedoelde afvalslib, brengt niet zonder meer mee dat anodeslib niet als een afvalstof als bedoeld in art. 3.1.b sub (i) EVOA kan worden aangemerkt. In aanmerking genomen het doel en de strekking van het Verdrag van Bazel, te weten een doeltreffende bescherming van het milieu en de menselijke gezondheid, brengt een verdragsconforme uitleg van rubriek A1120 mee dat anodeslib van elektrolytische zuiveringssystemen bij elektrolytische koperraffinage en -winning alleen als uitzondering van het in die rubriek bedoelde afvalslib kan worden aangemerkt, indien daarin geen gevaarlijke afvalstoffen in de zin van art. 1 van dat verdrag voorkomen, waartoe onder meer behoren de in bijlagen I bij het verdrag vermelde afvalstoffen die antimoon, arseen of lood als bestanddeel bevatten. Ad 2. De vervanging van de Richtlijn nr. 2006/12/EG betreffende afvalstoffen (PbEG L 114) door de “nieuwe Kaderrichtlijn afvalstoffen” getuigt tegen de achtergrond van de considerans van de nieuwe Kaderrichtlijn alsmede in het licht van de wetsgeschiedenis bij de Implementatiewet EG-kaderrichtlijn afvalstoffen, niet van een gewijzigd inzicht van de wetgever omtrent de strafwaardigheid van de vóór de inwerkingtreding van de nieuwe Kaderrichtlijn begane strafbare feiten. Het Hof heeft ten aanzien van het onderhavige anodeslib vastgesteld dat eerst na de winning van edelmetalen uit het anodeslib sprake is van een nieuw materiaal met eigenschappen die vergelijkbaar zijn met die van het oorspronkelijke materiaal dat kan worden gebruikt voor het oorspronkelijke doel of voor andere doeleinden. Voorts heeft het Hof vastgesteld dat het bewerkingsproces van het onderhavige anodeslib met het elektrolyseproces nog niet was voltooid. Het daarop gestoelde oordeel van het Hof, dat het onderhavige anodeslib kan worden gekwalificeerd als een afvalstof, getuigt tegen de achtergrond van de in de conclusie van de Advocaat-Generaal weergegeven jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen niet van een onjuiste rechtsopvatting, terwijl het evenmin onbegrijpelijk is. Dat oordeel is voorts toereikend gemotiveerd.
De uitspraak op rechtspraak.nl