Conclusie A-G Timmerman 8 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ0505
Enquêterecht. Aandelenkapitaal van verzoeksters tezamen voldoet aan kapitaalseis van art. 2:346, aanhef en onder b, BW. Intrekking verzoek van één der beide verzoeksters maakt geen einde aan de aanhangigheid van het geding, maar leidt tot niet-ontvankelijkheid van de desbetreffende verzoekster in haar verzoek. Voor ontvankelijkheid van medeverzoekster niet bepalend dat zij ten tijde van de indiening van het verzoek tezamen met andere verzoekster, van wie het verzoek nadien is ingetrokken, aan de kapitaalseis voldeed. Op het moment van beslissen moet nog aan deze kapitaalseis van art. 2:346, aanhef en onder b, BW worden voldaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 23 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 129 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 283 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 334 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 411 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 419 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 79 RO
- Artikel 1:349 BW1
- Artikel 2:105 BW2
- Artikel 2:345 BW2
- Artikel 2:346 BW2
- Artikel 2:347 BW2
- Artikel 3:303 BW3