Conclusie A-G Machielse 15 juni 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL3179

Art. 10.1 APV Utrecht. Verstoring van de openbare orde. Begrip ‘hinderlijk gedrag’. Het Hof heeft geoordeeld dat verdachte zich hinderlijk heeft gedragen door te bedelen, bestaande in het aanspreken van passanten en het daarbij de hand op houden. Het Hof heeft evenwel onvoldoende inzicht gegeven in zijn gedachtegang. Indien het Hof is uitgegaan van de opvatting dat ieder bedelen, erin bestaande dat men anderen aanspreekt en zijn hand op houdt, zo hinderlijk is dat daardoor de openbare orde wordt verstoord, getuigt dat van een onjuiste uitleg van art. 10 APV Utrecht. Indien het Hof heeft geoordeeld dat de gedragingen van verdachte in de omstandigheden waaronder deze zijn begaan hinderlijk gedrag opleveren, is dit oordeel onvoldoende gemotiveerd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen