Conclusie A-G Vegter 30 juni 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BI5741

Antilliaanse zaak. Ontvankelijkheid cassatieberoep. Het cassatieberoep is gericht tegen een uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba a.b.i. art. 591 Sv Aruba, waarbij het Hof verlof heeft verleend tot tenuitvoerlegging (tul) van een vonnis van de United States District Court, Southern District of Florida, waarbij veroordeelde is veroordeeld tot o.m. een gevangenisstraf van 16 mnd. Ingevolge art. 10 jo. art. 11.1 Cassatieregeling voor de Nederlandse Antillen en Aruba (hierna: de Cassatieregeling) staat voor 'de verdachte' beroep in cassatie open tegen 'vonnissen' in 'strafzaken'. Een uitspraak als i.c., waarbij het Hof verlof verleent tot tul van de buitenlandse rechterlijke beslissing, kan niet worden aangemerkt als een 'vonnis' in een 'strafzaak' i.d.z.v. de Cassatieregeling, zoals ook veroordeelde niet kan worden aangemerkt als 'verdachte' a.b.i. de Cassatieregeling. Enige andere bij Rijkswet gegeven bepaling op grond waarvan voor veroordeelde beroep in cassatie tegen een uitspraak a.b.i. art. 591 Sv Aruba open staat, ontbreekt (vgl. HR LJN AN7640).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen