Conclusie A-G Vellinga 26 mei 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BH0177

Wet herstructurering varkenshouderij (de Wet) en het Besluit hardheidsgevallen herstructurering (het Besluit). Vaststelling van het varkensrecht. HR: De regelgeving houdt in dat de hoogte van het varkensrecht rechtstreeks uit de Wet en het Besluit voortvloeit. Het Hof heeft a.d.h.v. opgaven van het Bureau Heffingen vastgesteld dat verdachte in de jaren 2003 en 2004 over varkensrechten voor 860 varkens beschikte, terwijl het vervolgens als onvoldoende aannemelijk heeft verworpen verdachtes op art. 9 van het Besluit gestoelde verweer dat het hem toekomende varkensrecht niettemin op een hoger aantal dan 860 varkens zou moeten worden bepaald. ‘s Hofs oordeel dat de raadsman van verdachte zijn stelling dat aan de voorwaarden van bedoeld art. 9 is voldaan, onvoldoende heeft onderbouwd, is - in het licht van hetgeen de raadsman in diens pleitnota heeft aangevoerd en gelet op de opzet en systematiek van de wettelijke regeling op dit punt - niet onbegrijpelijk. Immers in die pleitnota is alleen gewag gemaakt van een aan verdachte verleende milieuvergunning voor 1236 vleesvarkens, terwijl de pleitnota geen f&o inhoudt waaruit kan worden afgeleid dat i.c. aan ieder van de voorwaarden van genoemde bepaling is voldaan, waaronder de verplichtingen tot tijdige melding bij het Bureau Heffingen van de aanvraag van een milieuvergunning en tot overlegging van die vergunning aan genoemd bureau a.b.i. art. 9.2.d en e van het Besluit. Conclusie AG: anders.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen