Conclusie A-G Schipper 9 september 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BF0079

Conclusie AG: Onder de term "veld" i.d.z.v. art. 1 van de Flora- en faunawet dient te worden verstaan "een voor de uitoefening van de jacht bestemd of geschikt terrein". Blijkens de gebezigde bewijsmiddelen heeft het Hof o.m. vastgesteld dat er op het totale boscomplex, waarvan het terrein waarop verdachte zich bevond deel uitmaakt, diverse beschermde inheemse diersoorten voorkomen waaronder wilde zwijnen, reeën en edelherten. Voorts heeft het Hof vastgesteld dat ook op het hiervoor bedoelde terrein wel eens wilde zwijnen komen en dat het op dat terrein mogelijk was m.b.v. de kastval - ook van het totale boscomplex afkomstige - beschermde dieren te vangen. Uit e.e.a. volgt, dat er kan worden gesproken van een voor de jacht geschikt terrein, en dus van een "veld" i.d.z.v. de Flora- en faunawet. HR: 81 RO.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen