Conclusie A-G Knigge 12 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA0426
Een redelijke wetsuitleg brengt, mede in het licht van de wetsgeschiedenis, mee dat een gedraging die in strijd is met een vergunningsvoorwaarde a.b.i. art. 12.1 Natuurbeschermingswet moet worden aangemerkt als een in dit artikel strafbaar gestelde gedraging. Deze uitleg strookt met de strekking van de Natuurbeschermingswet, te weten de bescherming van het natuurschoon en in het bijzonder de natuurwetenschappelijke betekenis van een beschermd natuurmonument. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat de bewijsmiddelen inhouden dat verdachte in strijd met de vergunningsvoorwaarden assimilatiebelichting heeft toegepast, getuigt ’s Hofs oordeel dat verdachte alsdus handelingen heeft verricht die in strijd zijn met art. 12 Natuurbeschermingswet, niet van een onjuiste rechtsopvatting. Dat oordeel behoefde geen nadere motivering.
De uitspraak op rechtspraak.nl