Conclusie A-G Vellinga 30 mei 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AW0475

1. Redelijke termijn en taakstraf. 2. Bij strafoplegging rekening houden met niet tenlastegelegde strafverzwarende omstandigheid. Ad 1. Het Hof heeft een taakstraf van 100 uren opgelegd. In de cassatiefase is de inzendtermijn met 21 dagen overschreden. CAG stelt voor met constatering te volstaan. De HR vermindert het aantal uren taakstraf in die zin dat dit 90 uren bedraagt. Ad 2. Geen rechtsregel staat er aan in de weg dat de rechter bij de strafoplegging ten nadele van de verdachte rekening houdt met een omstandigheid die, hoewel dat had gekund, niet als strafverzwarende omstandigheid ten laste is gelegd en bewezen is verklaard. De rechter is dan bij de strafoplegging wel gebonden aan het maximum van de op het bewezenverklaarde feit gestelde straf en voorts dient van een dergelijke omstandigheid ter terechtzitting te zijn gebleken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen