Conclusie A-G Spier 7 april 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV1558
Geschil tussen een belastingadvieskantoor en cliënten over zijn beroepsaansprakelijkheid als de Vpb-adviseur wegens het niet waarschuwen voor mogelijke toepasselijkheid van een in te voeren wetsbepaling (art. 28b Vpb) op grond waarvan voor de toepassing van Vpb het aandelenbelang in een niet in Nederland gevestigd lichaam, verzekeringsmaatschappij, in het vervolg diende te worden gewaardeerd op de waarde in het economisch verkeer i.p.v. de historische kostprijs; rustte op de belastingadviseur ter zake van deze, ten tijde van het afgeven van zgh. ‘tax comfort letters’ voorzienbare, wetswijziging een (spontane) adviseringsplicht?
De uitspraak op rechtspraak.nl