Conclusie A-G Vellinga 1 februari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR7605
1. 's Hofs oordeel dat verdachte (die tijdelijk op haar terrein visafval ongekoeld had neergezet) visafval heeft "opgeslagen" in de zin van art. 5.1 Destructiewet is onjuist noch onbegrijpelijk. 2. Pluimvee is slechts gespecificeerd hoog-risico-materiaal indien het ingevolge de Landbouwwet ongeschikt is verklaard voor menselijke consumptie. Uit de bewijsmiddelen kan niet worden afgeleid dat de partij kipafval vóór of op het bewezenverklaarde tijdstip ongeschikt was voor menselijke consumptie. 3. De in art. 2.3 Destructiewet genoemde exceptie heeft alleen betrekking op de in lid 1 onder d uitgezonderde producten, te weten huiden, etc.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 81 RO
- Artikel 8 WED
- Artikel 2 Destructiewet
- Artikel 5 Destructiewet
- Artikel 9 Destructiewet
- Artikel 12 Destructiewet
- Artikel 8.1 Wm
- Artikel 18.18 Wm
- Artikel 6 Regeling keuringsdienst 1984
- Artikel 4.4 Regeling keuring en handel dierlijke producten
- Artikel 1 Regeling eisen eigenaar of houder van destructiemateriaal
- Artikel 2 Regeling eisen eigenaar of houder van destructiemateriaal
- Artikel 2 Regeling aanwijzing gespecificeerd hoog-risico-materiaal 2000