Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba 5 november 2009, ECLI:NL:OGHNAA:2009:BK2813
Het beroep van de raadsvrouwe op niet-ontvankelijkheid van het OM faalt, de verdachte heeft enige dagen zonder geldige titel preventief gezeten maar deze onregelmatigheid raakt echter niet het recht van verdachte op een eerlijk proces, wel volgt strafvermindering. In hoger beroep wordt het primair telastegelegde niet bewezen geacht. Verdachte rende weg voor het slachtoffer, die hem met een bezemsteel bedreigde. Toen verdachte werd ingehaald pakte hij zijn mes en dreigde daarmee. Daarop pakte slachtoffer hem bij zijn shirt en heeft verdachte meermalen gestoken. Hof oordeelt dat het aannemelijk is dat er daarna een tweede aanval geweest, en er is geen bewijs dat de verdachte daarbij betrokken was. Volgens de patholoog-anatoom zijn de steekwond in de arm en de schotwond in de buik de belangrijkste doodsoorzaken, en daarvan is niet bewezen dat die door verdachte zijn veroorzaakt. Doodslag wordt dus niet bewezen geacht, wel het meer subsidiair telastegelegde, de mishandeling met wapen en feit 2, illegaal vuurwapenbezit. Ten aanzien van de mishandeling met een wapen volgt OVAR wegens een geslaagd noodweerberoep. Voor het illegaal vuurwapenbezit wordt hij tot 15 maanden waarvan 5 voorwaardelijk veroordeeld.
De uitspraak op rechtspraak.nl