Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba 19 mei 2009, ECLI:NL:OGHNAA:2009:BI6306
Arubaanse zaak. Betreft verzoek om verlof voor het leggen van conservatoir beslag ten laste van Valero op gelden en geldswaarden bij de CMB Bank. Gresulene legt ten grondslag aan de vordering dat Valero haar ten onrechte en op onrechtmatige wijze een delevery fee in rekening brengt. Het Hof wijst de vordering af. Het antwoord op de vraag voor wiens rekening de kosten komen hangt af van de plaats van aflevering, die aan de hand van art. 6:41 BW moet worden bepaald. Nu er geen contract is, wordt van belang of te dien aanzien een gewoonte bestaat. Bij ontbreken van een gewoonte geldt de regel dat in geval van een naar de soort bepaalde zaak de aflevering moet geschieden ter plaatse waar de schuldenaar zijn bedrijf uitoefent. De vervoerskosten komen voor rekening van de koper en er staat niets aan de weg dat deze in rekening worden gebracht. Ook voor de stelling dat er misbuik van monopoliepositie wordt gemaakt ziet het Hof voorshands onvoldoende grond.
De uitspraak op rechtspraak.nl