Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba 6 januari 2009, ECLI:NL:OGHNAA:2009:BH0575

De FCIB was een kredietinstelling tot 9 oktober 2006, daarna werd haar bankvergunning ingetrokken en een noodregeling uitgesproken, want er waren aanwijzingen dat de FCIB betrokken was bij fraude. Voor de rekeninghouders die als risicogroep werden aangewezen zijn regels opgesteld die erop neerkomen dat de betreffende rekeninghouders een verklaring van een registeraccountant moeten overleggen waarin de legitimiteit van hun bedrijfsactiviteit wordt bevestigd. De BNA beoordeelt dan nogmaals voor er tot beperkte (75%) uitkering aan de rekeninghouder wordt overgegaan. Appellant acht het onaanvaardbaar dat haar rekening nog steeds geblokkeerd wordt doordat BNA nog niet heeft beslist. Hof acht dat BNA in redelijkheid nader onderzoek mocht verlangen en niet daarmee onrechtmatig heeft gehandeld. Hof houdt beslissing aan om de BNA de gelegenheid te geven om een aantal vragen te beantwoorden, met bepaling dat op die zitting geen uitstel zal worden verleend.

De uitspraak op rechtspraak.nl