Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 10 februari 2021, ECLI:NL:OGHACMB:2021:62

Belanghebbende heeft een perceel grond gekocht met daarop een gebouwde niet gerestaureerde schuur (hierna: magasina), die opgenomen is in het register van beschermde monumenten. Het geschil in hoger beroep is, voor zover nog van belang, of en in hoeverre er een bedrag aan kosten voor de eigen woning in aftrek kan worden gebracht. Het Hof verenigt zich met de beslissing van het Gerecht dat ingevolge artikel 16, lid 1, letter h, onder 3, LIB in samenhang met artikel 4, lid 4 van de LIB in de jaren 2012 en 2013 (in principe) recht op aftrek van de onderhoudskosten bestond. Belanghebbende was in deze jaren eigenaar van de woning, sliep in een kleine woning van de buren en was druk doende met de verbouwing van de magasina. Onbetwist heeft belanghebbende gesteld dat hij in de loop van 2013 feitelijk in de magasina is gaan wonen. Onder die omstandigheden komt hij voor de onderhavige jaren in aanmerking van onderhoudskosten; daarbij wijst het Hof op beleid van de Inspecteur dat kosten in verband met de eigen woning die belopen zijn in de twee jaren voorafgaand aan de feitelijke bewoning in beginsel als persoonlijke lasten aftrekbaar zijn.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken