Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 7 april 2020, ECLI:NL:OGHACMB:2020:69

Belanghebbende exploiteert een appartementencomplex en geniet tax-holiday. Per 1 januari 2011 is een nieuw fiscaal stelsel in werking getreden en de vastgoedbelasting is ingevoerd. Belanghebbende stelt dat het Gerecht ten onrechte heeft geoordeeld dat het beëindigen van de tax-holidayregelingen niet in strijd is met het ongestoorde genot van eigendom als bedoeld in artikel 1 EP. Het Hof oordeelt dat de beëindiging van de tax-holiday door wijziging van het wettelijk stelsel, zonder dat daarbij een adequate overgangsregeling is getroffen, geen inbreuk vormt op het ongestoorde genot van eigendom als bedoeld in artikel 1 EP. Voorts voert belanghebbende aan dat het Gerecht niet van de juiste feiten is uitgegaan en haar appartementencomplex in 2011 en 2012 wel degelijk kwalificeerde als hotel. Het Hof acht de ingebrachte feiten en omstandigheden onvoldoende om te concluderen dat sprake is van een hotel; daarvoor ontbreken te veel van de gemeenschappelijke voorzieningen die normaliter in een hotel beschikbaar zijn. Gelet daarop kan het appartementencomplex in 2011 en 2012 niet als hotel worden aangemerkt en komt belanghebbende niet in aanmerking voor het hoteltarief. De uitspraak van het Gerecht wordt bevestigd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken