Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 20 augustus 2019, ECLI:NL:OGHACMB:2019:161

Het Hof acht het bewezen dat de eigen woning waarvoor appellant in 2014 en 2015 de rente en de kosten van de hypothecaire geldlening in aftrek heeft gebracht van zijn inkomen, appellant als hoofdverblijf in de zin van de wet diende.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen