Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 18 april 2012, ECLI:NL:OGHACMB:2012:BW4846
Verzoeker is in cassatie gegaan tegen zijn veroordeling. De Hoge Raad heeft nog niet beslist. Het verzoek strekt tot opheffing van de VH. De Minister van Justitie heeft het verzoek afgewezen omdat beleid zou zijn dat aan veroordeelde vreemdelingen geen VI wordt verleend. Het Hof kan de Minister niet volgen in deze redenering. Vreemdelingen zullen bovendien bij toepassing VI uit Sint Maarten kunnen worden verwijderd. Door gevangenis en de Reclassering zijn positieve adviezen gestuurd en dit wijst er volgens het Hof op dat ook deze instellingen zich ook niet bewust waren van gesteld beleid. Door het opmaken van positieve adviezen wegens het voorbeeldige gedrag van verzoeker is het vertrouwen gewekt dat het beroep op VI niet categorisch zou worden geweigerd wegens zijn status van vreemdeling. Dit ontstane vertrouwen is aan de Minister van Justitie toe te rekenen. Hof beveelt onmiddellijke invrijheidstelling.
De uitspraak op rechtspraak.nl