Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 14 januari 2026, ECLI:NL:OGEAC:2026:6
Het beroep van eiseres tegen het uitblijven van een beslissing op haar handhavingsverzoek is niet-ontvankelijk. Daar is inmiddels op beslist. Het beroep van eiseres tegen de bouwvergunning is ongegrond. Eiseres heeft beroepsgronden aangevoerd over -kort samengevat- de omvang van de toetsing van het bouwplan, de afstand van gebouw A tot de erfgrens, (overige) hinder, ontsiering en brandgevaarlijkheid en de schaalgrootte van tekening WT-09. Geen van deze beroepsgronden slaagt. Ook het beroep van eiseres tegen de inhoudelijke afwijzende beslissing van de minister op haar handhavingsverzoek is ongegrond. Ten tijde van het nemen van de beslissing had de minister al een bouwvergunning verleend voor de gewijzigde uitvoer van de eerdere bouwvergunning van 28 oktober 2022. Daardoor was er geen sprake meer van een overtreding en was er geen grondslag meer voor handhaving.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 5 november 2025, ECLI:NL:OGHACMB:2025:258
- ABRvS 5 maart 2025, ECLI:NL:RVS:2025:678
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 4 september 2024, ECLI:NL:OGHACMB:2024:169
- ABRvS 19 september 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3061