Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 15 januari 2025, ECLI:NL:OGEAC:2025:8

Beroep tegen uitblijven van een Lob-verzoek door de Gouverneur. De Gouverneur was en is niet gehouden om te beslissen op het Lob-verzoek van eiseres. Alle bevoegdheden die de Staatsregeling en andere regelingen aan de Gouverneur in diens hoedanigheid als hoofd van de regering toekennen, zijn bevoegdheden van de regering als samengesteld ambt waarvan de Gouverneur deel uit maakt. Voor zover in wettelijke regelingen het woord Gouverneur wordt gebruikt, wordt hiermee dan ook steeds de regering bedoeld. Het gevolg hiervan is dat dat de Gouverneur in landsaangelegenheden geen zelfstandige bevoegdheden heeft, niet ter verantwoording kan worden geroepen in de Staten en evenmin bij het Gerecht en dus niet kan worden aangemerkt als bestuursorgaan in de zin van de Lar. Een beslissing van de Gouverneur op het verzoek van eiseres is daarom geen beschikking in de zin van de Lar. Het uitblijven daarvan is ook geen beschikking. Nu geen sprake is van een beschikking, is het Gerecht onbevoegd om kennis te nemen van het beroep van eiseres.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken