Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 4 oktober 2019, ECLI:NL:OGEAC:2019:228
OB- teruggaaf Vaststaat dat belanghebbende in de jaren 2000 tot en met 2003 en 2009 tot en met 2013 ter zake van leveringen van UR-geneesmiddelen facturen heeft uitgereikt waarin de vermelde bedragen telkens zijn vermeerderd met omzetbelasting. Belanghebbende heeft de op de facturen vermelde bedragen aan omzetbelasting in haar aangiften voor de omzetbelasting aangegeven en voldaan. Nu belanghebbende facturen heeft uitgereikt waarop een bedrag aan omzetbelasting is vermeld, is zij die bedragen op de voet van artikel 12b, lid 1, LOB verschuldigd. Vertrouwensbeginsel Het Gerecht is van oordeel dat niet aannemelijk is geworden dat de Inspecteur een mondelinge toezegging heeft gedaan of dat een mondelinge overeenkomst met de Inspecteur is gesloten dat een teruggaaf van omzetbelasting zal worden verleend.
De uitspraak op rechtspraak.nl