Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 27 januari 2023, ECLI:NL:OGEAA:2023:4
Belanghebbende heeft bij het indienen van de aangiften loonbelasting en BBO/BAZV over de onderhavige periodes overzichten en facturen overgelegd van diensten die zij aan het Land Aruba heeft verricht. In geschil is het antwoord op de vraag of belanghebbende vorderingen op het Land Aruba, meer specifiek de Directie Sociale Zaken, kan verrekenen met haar belastingschulden. Ingevolge artikel 11, lid 2, Landsverordening invordering directe belastingen is de Ontvanger ten aanzien van de belastingschuldige bevoegd aan hem uit te betalen en van hem te innen bedragen ter zake van directe belastingen en overige belastingen en heffingen met elkaar te verrekenen. In voornoemde Landsverordening is geen bepaling opgenomen die belastingschuldige de bevoegdheid geeft om belastingschulden (waaronder op grond van aangiften verschuldigde bedragen) te verrekenen met belastingvorderingen of met andere vorderingen op de overheid, zodat moet worden aangenomen dat op grond van de wettelijke bepalingen belanghebbende niet zelfstandig tot verrekening kan en mag overgaan. Het vorenstaande brengt mee dat belanghebbende de loonbelasting juni, juli, augustus en oktober 2020 en de BBO/BAZV juni en oktober 2020 niet tijdig heeft betaald. De naheffingsaanslagen zijn mitsdien terecht opgelegd.
De uitspraak op rechtspraak.nl