Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 23 februari 2026, ECLI:NL:OGAACMB:2026:9

Disciplinair ontslag. Bij de vaststelling van het plichtsverzuim bij gedraging 1 heeft de minister in strijd gehandeld met de onschuldpresumptie. Gedragingen 2, 3 en 4 leveren wel plichtsverzuim op. Het plichtsverzuim is toerekenbaar. De opgelegde disciplinaire straf van onvoorwaardelijk ontslag is niet onevenredig aan de aard en de ernst van het gepleegde plichtsverzuim. Aan een politieambtenaar mogen hoge eisen van integriteit en betrouwbaarheid worden gesteld. Het ondertekenen van een proces-verbaal van aangifte, terwijl ze van mening was dat de inhoud niet klopte is, gelet op het feit dat dat kan leiden tot de onterechte veroordeling van een burger, een ernstige vorm van plichtsverzuim. Bezwaar is ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken