HR 7 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:13

Pedojacht in Hilversum. Openlijke geweldpleging, 141.1 Sr. 1. Beroep op ontbreken van wederrechtelijkheid o.g.v. burgeraanhouding a.b.i. art. 53 Sv. Kon hof oordelen dat verdachte niet enkel tot doel had aangever over te dragen aan opsporingsambtenaar en dat het handelen van verdachte niet proportioneel was? 2. Strafmotivering (gevangenisstraf van 15 dagen, waarvan 14 dagen voorwaardelijk, en taakstraf van 150 uren, subsidiair 75 dagen hechtenis). Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt dat art. 9a Sr moet worden toegepast, art. 359.2 Sv. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 23/03547 en 23/03575.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Tekst

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/03576
Datum 7 januari 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 september 2023, nummer 21-001361-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,
hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft Y. Moszkowicz, advocaat in Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.

De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadsman van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 januari 2025.

Aangehaalde artikelen

Verbonden uitspraken